Kosten van een bedrijfsovername: wat komt er bovenop de koopprijs?
Bijgewerkt op 3 oktober 2026
Naast de koopprijs betaal je als koper voor onderzoek, begeleiding, de notaris en de financiering, en soms overdrachtsbelasting. Deze gids zet de kostenposten op een rij, laat zien waar ze van afhangen en rekent uit wat ze doen met de financiering.
In het kort
- De bijkomende kosten bestaan vooral uit het boekenonderzoek, juridische begeleiding, de notaris en de financiering. Bij een pand kan er overdrachtsbelasting bij komen.
- Vaste tarieven zijn er niet. De kosten hangen af van de omvang van de deal, de kwaliteit van de administratie en hoe diep je laat onderzoeken.
- Bij de koop van aandelen is de notaris verplicht. Neem je een onderneming als geheel over, dan rekent de verkoper geen btw.
- Kosten die je leent, tellen mee in de financiering. In het rekenvoorbeeld daalt de financierbare koopprijs van € 309.000 naar € 298.000 als de kosten 8% zijn in plaats van 4%.
De kostenposten op een rij
| Kostenpost | Wanneer | Waar het van afhangt |
|---|---|---|
| Begeleiding (overnameadviseur, financieringsadviseur) | Als je die inschakelt | Uren, een vaste prijs of een succesfee |
| Boekenonderzoek (accountant, fiscalist) | Bij vrijwel elke overname | Omvang, administratie, diepgang van het onderzoek |
| Jurist | Bij vrijwel elke overname | Intentieverklaring, koopovereenkomst, garanties en vrijwaringen |
| Notaris | Altijd bij aandelen; bij een pand; bij een nieuwe BV | Het aantal akten |
| Financiering | Bij een lening | Afsluitkosten, BMKB-provisie, taxatie, rente |
| Overdrachtsbelasting | Bij een pand of aandelen in een vastgoed-BV | De waarde van het vastgoed |
| Werkkapitaal en overstap | Na de overdracht | Voorraad, debiteuren, seizoen, systemen |
Begeleiding door adviseurs
KVK noemt bij een bedrijfsoverdracht onder meer de adviseur bedrijfsoverdracht, de accountant, de belastingadviseur, de jurist, de notaris, de waarderingsdeskundige en de taxateur (KVK). Welke je inschakelt, hangt af van je eigen ervaring en van de deal.
Adviseurs rekenen op verschillende manieren:
- Uurtarief: je betaalt de uren die er werkelijk in gaan.
- Vaste prijs: voor het hele traject of per fase.
- Vast bedrag vooraf met een succesfee: een deel vooraf (een retainer) en een deel als de overname doorgaat, vaak als percentage van de koopprijs.
Een succesfee die een percentage van de koopprijs is, wordt hoger naarmate de prijs hoger is. Sommige kopers spreken daarom een vast bedrag af of een beloning die afhangt van het onderhandelingsresultaat. Bij uurtarieven en vaste prijzen betaal je meestal ook als de koop niet doorgaat. Een begroting per fase maakt vooraf duidelijk wat dat kan kosten.
Boekenonderzoek
In het boekenonderzoek (due diligence) laat je nagaan of de cijfers kloppen en of er risico's zijn die niet in de cijfers staan. Het financiële en fiscale deel laten kopers vaak doen door een accountant, het juridische deel door een jurist. Wat er allemaal bij hoort, staat in de due diligence-checklist.
Wat het onderzoek kost, hangt vooral af van:
- De omvang en de complexiteit van het bedrijf, en hoe goed de administratie op orde is.
- De vorm van de koop. Bij een aandelentransactie neem je de geschiedenis van de BV over, ook de fiscale. Dan weegt het onderzoek zwaarder dan bij de koop van activa en passiva.
- De diepgang. Een beperkt onderzoek naar de grootste risico's kost minder dan een volledig onderzoek. Sommige kopers beginnen beperkt en breiden uit waar iets opvalt.
Jurist en notaris
Een jurist stelt de intentieverklaring en de koopovereenkomst op of beoordeelt ze: de garanties en vrijwaringen, een concurrentiebeding voor de verkoper, en wat er gebeurt met contracten, huur en personeel.
- Aandelen: "Een aandelentransactie gaat altijd via de notaris" (KVK). De levering van de aandelen gebeurt bij notariële akte (artikel 2:196 BW).
- Activa en passiva: daarvoor is geen notaris nodig, behalve voor de levering van een pand. Die gaat altijd via een notariële akte en inschrijving in het kadaster (artikel 3:89 BW).
- Een nieuwe BV voor de overname: koop je via een eigen BV, dan komen daar de oprichtingskosten bij. KVK noemt minimaal € 500 tot € 1.500 aan notariskosten (KVK), plus een eenmalige inschrijfvergoeding van € 85,15 in 2026 (KVK).
Kosten van de financiering
- Rente vanaf het begin, ook over het deel van de kosten dat je leent.
- Afsluit- of behandelkosten. Financiers rekenen die vaak; ze staan in de offerte.
- BMKB-provisie. Zet de bank de Borgstelling MKB-kredieten in, dan betaalt de bank eenmalig een provisie aan RVO en rekent die aan jou door. Volgens RVO is die voor een gewoon krediet 3,90% bij een looptijd tot 8 kwartalen, 4,25% bij 9 tot 24 kwartalen en 5,85% bij 25 tot 48 kwartalen, berekend over het deel waarvoor de borgstelling geldt (RVO). Gaat het om € 100.000 met een looptijd van vijf jaar (20 kwartalen), dan is de provisie € 4.250.
- Taxatie. Neemt de financier een pand of machines als zekerheid, dan kan een taxatie nodig zijn.
Meer over de bronnen van financiering in Bedrijf overnemen financieren.
Belastingen
- Btw: neem je een bestaande onderneming of een zelfstandig deel daarvan over, dan rekent de verkoper geen btw (Belastingdienst). Dat geldt voor de onderneming als geheel, niet voor de koop van losse bedrijfsmiddelen.
- Overdrachtsbelasting op een pand: koop je het bedrijfspand mee, dan betaal je in 2026 10,4% overdrachtsbelasting (Belastingdienst).
- Overdrachtsbelasting op aandelen: bestaan de bezittingen van de BV voor het grootste deel uit vastgoed en krijg je een belang van een derde of meer, dan betaal je overdrachtsbelasting over de waarde van het vastgoed dat je aandelen vertegenwoordigen. Schulden van de BV mag je daarvan niet aftrekken (Belastingdienst).
- Aftrekbaarheid van de kosten: koopt jouw BV de aandelen, dan zijn de aankoopkosten niet aftrekbaar van de winst. Ze horen bij de kostprijs van de deelneming (Belastingdienst, kennisdocument aan- en verkoopkosten deelneming). Bij een activa-passivatransactie gelden andere regels; dat is een vraag voor een fiscalist.
Na de overdracht
- Werkkapitaal. Voorraad en debiteuren moeten gefinancierd blijven. Komen ze niet mee in de koop, of is er in het begin extra nodig (bijvoorbeeld door een seizoen), dan komt dat bovenop de koopprijs.
- Personeel bij activa en passiva. De nieuwe eigenaar neemt alle rechten en plichten tegenover het personeel over (KVK). Daar horen ook opgebouwde rechten bij, zoals vakantiedagen.
- Overstap. Verzekeringen, bankrekeningen, systemen en licenties op naam van de nieuwe eigenaar, en vergunningen die op naam van een persoon staan.
Rekenvoorbeeld
Hetzelfde bedrijf als in de gids Bedrijf overnemen financieren: € 120.000 genormaliseerde EBITDA (na jouw salaris), een koopprijs van € 350.000 voor de aandelen, € 60.000 eigen inbreng, een vendor loan van € 70.000 (5% rente, 5 jaar, eerste jaar aflossingsvrij) en een banklening die de rest aanvult (7% rente, 5 jaar). De calculator rekent standaard met 4% kosten. Een begroting met aangenomen bedragen komt hoger uit:
| Voorbeeldbegroting (aangenomen bedragen) | Bedrag |
|---|---|
| Boekenonderzoek, financieel en fiscaal | € 9.000 |
| Jurist: koopovereenkomst en juridisch onderzoek | € 7.000 |
| Notaris: levering van de aandelen en oprichting van een BV, met KVK-inschrijving | € 3.000 |
| Financiering: afsluitkosten en BMKB-provisie (€ 4.250, zie hierboven) | € 6.000 |
| Begeleiding en een second opinion | € 3.000 |
| Totaal (8% van de koopprijs) | € 28.000 |
De bedragen in de begroting zijn een voorbeeld, geen marktgemiddelde; tarieven verschillen per adviseur en per deal. Wat het verschil doet, volgens het rekenmodel van de calculator:
| Kosten 4% | Kosten 8% | |
|---|---|---|
| Kosten | € 14.000 | € 28.000 |
| Totaal te financieren | € 364.000 | € 378.000 |
| Banklening | € 234.000 | € 248.000 |
| Laagste DSCR (jaar 2) | 1,09 | 1,05 |
| Hoogste koopprijs met een DSCR van 1,25 | € 309.000 | € 298.000 |
- Geleende kosten betaal je met rente terug. De € 14.000 extra kosten worden in vijf jaar bijna € 17.000 extra rente en aflossing.
- Uit eigen geld: komt de extra € 14.000 uit eigen geld (eigen inbreng € 74.000), dan blijven de banklening en de laagste DSCR gelijk aan die bij 4%.
- Werkkapitaal erbij: is er bovendien € 30.000 werkkapitaal nodig, dan stijgt de banklening naar € 278.000 en zakt de laagste DSCR naar 0,96. De kasstroom is in jaar 2 dan niet genoeg voor de rente en aflossing.
Wat de DSCR zegt en waarom het laagste jaar telt, lees je in DSCR berekenen.
Reken je eigen overname door. Vul in de calculator je eigen transactiekosten en werkkapitaal in en zie per jaar of de financiering rond komt.
Naar de calculatorDit artikel is algemene informatie en geen financieel, fiscaal of juridisch advies. Tarieven en regels veranderen; check de actuele bedragen bij de genoemde bronnen en vraag offertes.